Cookievoorkeuren
InstellingenIk ga akkoord
A

A
Waarom is SPOA overgestapt naar een andere uitvoeringsorganisatie?


SPOA is per 1 januari 2025 overgestapt van AZL naar Visma Idella als nieuwe pensioenuitvoeringsorganisatie. Deze beslissing komt voort uit een grondige evaluatie van de huidige en toekomstige behoeften van onze deelnemers en heeft tot doel bij te dragen aan het verbeteren van de uitvoering van de nieuwe pensioenregeling. Met de nieuwe flexibele pensioenregeling is een beter passend pensioen- en beleggingsbeleid voor de apothekers mogelijk. Visma Idella voldoet het beste aan onze eisen om de nieuwe pensioenregeling uit te voeren

Pensioen omzetten: pensioenrechten worden pensioenambities. Wat zijn daarvan de consequenties?

U krijgt straks in plaats van een pensioenrecht een persoonlijk pensioenpotje. De premie staat vast, maar de uitkering niet. De pensioenambitie die ten grondslag ligt aan de nieuwe pensioenregeling is afgeleid uit de gedane onderzoeken en enquêtes onder de apothekers. De hoogte van de premie die bij de pensioenregeling hoort is zodanig bepaald dat wordt verwacht dat daarmee samen met het verwachte rendement de pensioenambitie behaald kan worden. De pensioenambitie is een pensioenuitkomst die naar verwachting ligt  tussen 65% en 70% van het gemiddelde pensioeninkomen over de gehele deelnemingsperiode, inclusief AOW.

Pensioen omzetten: kom ik in aanmerking voor een vast pensioen?

Na het omzetten van de bestaande pensioenen, krijgen alle gepensioneerden een persoonlijk pensioenkapitaal bij SPOA. Dit kapitaal kunt u in de periode na de overgang aanwenden om voor een vast pensioen bij een verzekeraar te kiezen. U bent daarna geen deelnemer meer bij SPOA.  

Pensioen omzetten: ben ik na het omzetten van de bestaande pensioenen geen eigenaar meer van mijn geld, maar alleen aanspraakgerechtigde?

Nee, u bent juist nu een aanspraakgerechtigde. Als u nog niet gepensioneerd bent, krijgt u na het omzetten zeggenschap over het beleggingsprofiel dat de basis is voor het beleggen van uw persoonlijk pensioenvermogen. Het is overigens niet mogelijk om dit pensioenvermogen aan te wenden voor andere zaken dan pensioen. 

Pensioen omzetten: een nabestaandenpensioen is er toch alleen als je je hiervoor aanmeldt?

Voor iedere actieve deelnemer is er in de nieuwe pensioenregeling standaard een nabestaandenpensioen meeverzekerd. Voor de pensioendatum is dit 50% van het salaris. Na de pensioendatum kan de deelnemer zelf een verhouding kiezen tussen het ouderdomspensioen en het nabestaandenpensioen.

Pensioen omzetten: klopt het dat je hooguit 1% rendement mag verwachten na je pensioendatum (zie A.Joseph)

Er is geen maximering op het rendement na de pensioendatum. Het klopt dat voor pensioengerechtigden minder risico wordt genomen. Dat betekent over het algemeen dat het rendement lager is, maar dat de uitkering stabieler blijft. Echter, de kans op verhogen in scenario's dat het goed gaat, is hoger in het nieuwe stelsel dan in het huidige stelsel (juist een voordeel van omzetten van de pensioenen dus).

Pensioen omzetten: is het nadelig om eerder met pensioen te gaan, omdat je de laatste jaren meer opbouwt?

Nee,  in de laatste jaren bouwt u niet meer op dan daarvoor. In de jaren voorafgaand aan het pensioen neemt het pensioenfonds ook minder risico.  Als u eerder met pensioen gaat, valt de pensioenuitkering per maand wel lager uit, omdat er meer jaren pensioen moet worden uitgekeerd. Al met al wordt er gemiddeld evenveel pensioen uitgekeerd.

Pensioen omzetten: als je ouder wordt dan de levensverwachting, stopt je pensioen dan als het potje leeg is?

Nee, uw pensioenuitkering wordt in dat geval voortgezet uit de buffer.

Pensioen omzetten: wat gebeurt er met de pensioenen bij een beurskrach?

Huidige pensioenregeling: een beurskrach kan leiden tot een lagere dekkingsgraad, met mogelijk verlaging van de pensioenen tot gevolg.

Nieuwe pensioenregeling: bij een negatieve schok op de financiële markt, wordt het effect voor pensioenregechtigden gespreid over 5 jaar. Bovendien wordt een daling van een nominale uitkering gecompenseerd door de risicodelingsreserve, mits er voldoende vermogen in de risicodelingsreserve zit.

Pensioen omzetten: wanneer worden de risicoprofielen bekend gemaakt?

In het half jaar voorafgaand aan de transitie. De beoogde risicoprofielen zijn straks onderdeel van het beleid van SPOA. SPOA zal straks een standaard, een offensiever en een defensiever risicoprofiel aanbieden voor de opbouwfase. In de uitkeringenfase geldt er 1 beleggingsbeleid. In het risicoprofiel wordt rekening gehouden met de ambitie om de pensioenen mee te laten bewegen met de prijsinflatie.

Pensioen omzetten: wie draait op voor de kosten van de transitie?

De kosten worden onttrokken uit de buffer van het fonds. In feite verlaagt dit de dekkingsgraad, al is het effect beperkt. De kosten worden dus door de deelnemers gedragen. Ten opzichte van het totale vermogen zijn de kosten vrijwel niet zichtbaar. De kosten zijn terug te vinden in het jaarverslag.

Pensioen omzetten: hoe vindt de communicatie met gescheiden partners plaats?

Iedereen die pensioenrechten heeft opgebouwd wordt beschouwd als deelnemer van SPOA. Dit geldt dus ook voor ex-partners van deelnemers.

Pensioen omzetten: wat gebeurt er met het opgebouwde pensioenvermogen als er geen nabestaanden zijn?

Als er geen partner is en geen kinderen onder de 25 jaar, dan vervalt het pensioenvermogen aan het pensioenfonds en wordt opgenomen in de buffer. Op de pensioendatum wordt het deel van het gespaarde kapitaal dat bedoeld is om na de pensioendatum partnerpensioen mee te verzekeren, wel naar uw wens omgezet ten behoeve van een hoger ouderdomspensioen.

Pensioen omzetten: is het voor gepensioneerden een individuele beslissing of een collectieve beslissing?

Omzetten van de pensioenen kan alleen collectief, dus met alle deelnemers (actieven, gewezen deelnemers, gepensioneerden) en is het uitgangspunt van de wetgever.

Pensioen omzetten: de dekkingsgraad is nu hoog. Kunnen we niet gewoon verhogen zonder de collectiviteit te verlaten?

SPOA is daarbij gebonden aan de wettelijke beperkingen. Er mag pas worden verhoogd (geïndexeerd) als wordt voldaan aan alle vereisten. Daarnaast zit er een fiscaal maximum aan het te verhogen pensioen. Daarnaast kunnen we wettelijk gezien niet in de huidige regeling blijven, de dekkingsgraad speelt bij die keuze geen rol. 

Pensioen omzetten: mag u zelf een risicoprofiel bepalen voor uw beleggingen of wordt dat voor u bepaald?

Deelnemers die nu premie inleggen of in het verleden premie hebben ingelegd, krijgen straks de keuze uit 3 profielen: iets meer risico, een gemiddeld risico of iets minder risico.

Pensioen omzetten: wat gebeurt er met het nabestaandenpensioen?

De waarde van het partnerpensioen uit het huidige stelsel wordt apart bijgehouden voor uw nabestaanden. De waarde van deze dekking blijft voor uw partner gereserveerd. Dit geldt ook voor gewezen deelnemers. 

Daarbovenop gelden de nieuwe bepalingen van de nieuwe regeling. In de nieuwe regeling bent u, bij overlijden tijdens actief dienstverband, verzekerd voor een partnerpensioen van 50% en een wezenpensioen van 20% van het pensioengevend inkomen. In het geval van overlijden na  pensioneren maakt de deelnemer de keuze tussen een uitruil van volledig partnerpensioen (70% van het ouderdomspensioen) of geen partnerpensioen.

Pensioen omzetten: als ik mijn pensioen bij een verzekeraar onderbreng, blijft BPOA mijn belangen dan behartigen?

Nee, het lidmaatschap van BPOA komt dan te vervallen.

Pensioen omzetten: kan ik eerder met pensioen?

Ja, dat is nu het geval en dat blijft zo. In de nieuwe pensioenregeling is pensioen mogelijk vanaf 10 jaar voorafgaand aan de AOW-leeftijd (67 in 2026). Nu is vervroegd pensioen mogelijk vanaf 55 jaar.

Pensioen omzetten: wat zijn de marges voor evenwichtigheid?

De marges bepaalt BPOA. Ze zijn opgenomen in de doelstellingen voor de transitie die zijn te vinden bij alles over het omzetten van de pensioenen. 

Pensioen omzetten: krijgen deelnemers op individueel niveau inzicht in hun persoonlijk pensioenkapitaal voor de ALV van 6 maart 2024?

Nee, dat kan pas berekend worden vlak voor de transitie. Er komen wel berekeningen voor voorbeelddeelnemers in verschillende leeftijdsgroepen beschikbaar.

Pensioen omzetten: wie beheert straks de persoonlijke pensioenvermogens?

SPOA is verantwoordelijk voor het vermogensbeheer en heeft een eigen vermogensbeheerder.

Pensioen omzetten: klopt het dat bij onvoldoende buffer het omzetten van de bestaande pensioenen een lager pensioen oplevert?

De verplichte buffers in het nieuwe pensioenstelsel zijn kleiner. Zijn de buffers onvoldoende, dan levert dat in het nieuwe, maar ook in het oude stelsel een pensioenverlaging op.

Pensioen omzetten: wat gebeurt er als de rente op de invaardatum weer 0 is?

Dan zal de dekkingsgraad gedaald zijn. Bij een dekkingsgraad onder de 100% kunnen de individuele pensioenvermogens niet volledig gevuld worden. Dit heeft als gevolg dat er mogelijk een pensioenverlaging moet worden doorgevoerd. Dit zou zowel in het huidige stelsel als bij de overgang naar het nieuwe stelsel het geval zijn. 

Pensioen omzetten: wat wordt bedoeld met groepen, i.v.m. evenwichtigheid?

Groepen kunnen leeftijdsgroepen voor deelnemers zijn, zoals deelnemers die premie inleggen of deelnemers die in het verleden premie hebben ingelegd. Bij deelnemers die een pensioeninkomen ontvangen onderscheiden we gepensioneerden en nabestaanden. 

Pensioen omzetten: wat zijn slapers?

Gewezen deelnemers . Deelnemers die in het verleden premie hebben betaald, maar die nu geen premie meer betalen en ook nog geen pensioen ontvangen.

Pensioen omzetten: Waarom is gekozen voor voorbeelden van € 1.000,- bruto per jaar?

Voor de toets op evenwichtigheid is het verschil tussen de pensioenverwachting voor én na de transitie inzichtelijk gemaakt. Dat komt met de keuze voor een opbouw van € 1.000,- het beste tot zijn recht. Door te kiezen voor een bedrag netto per maand, ontstaat een scheve vergelijking. Netto is immers niet voor iedereen hetzelfde. 

Pensioen omzetten: Waarom hebben gepensioneerden geen verwachting voor de koopkracht?

Als gepensioneerde ontvangt u nu al een pensioeninkomen van SPOA. De huidige koopkracht is daar nu al op van toepassing. 

Pensioen omzetten: Wat betekent een reële verwachting en waarom is hiervoor gekozen?

Bij de pensioenverwachting op basis van verwachte koopkracht, spreken we van een reële verwachting. Hierbij is rekening gehouden met verwachte verhogingen en verlagingen, maar ook met de inflatie. Zo ontstaat een zuiverder inzicht in de verschillen. Overigens zijn verwachte toekomstige loonstijgingen niet meegenomen. Die kunnen leiden tot een andere hogere reële pensioenverwachting. 

Pensioen omzetten: Behoor ik als ex partner tot de gewezen deelnemers?

Indien er na een scheiding een apart opgebouwd ouderdomspensioen is geregistreerd, dan geldt dit als een eerder opgebouwd pensioen. Het getoonde verschil in opgebouwd pensioen is dan ook voor de ex-partners van toepassing. Daarnaast blijven deze ex-partners recht hebben op het deel van het partnerpensioen dat hen toekomt. 

Pensioen omzetten: Wat is het persoonlijk pensioenkapitaal precies?

Tijdens de transitie wordt het vermogen van het pensioenfonds verdeeld in individuele pensioenkapitalen die de waarde van de eerder opgebouwde pensioenen vertegenwoordigen. Alle deelnemers krijgen zo’n persoonlijk pensioenkapitaal. Uit dit kapitaal wordt de uitbetaling van het pensioen gefinancierd.   

Pensioen omzetten: Staat het huidige verschil in pensioenverwachtingen vast?

Nee. De verschillen zijn afhankelijk van de ontwikkelingen op de financiële markten. In de nieuwe pensioenregeling zijn de persoonlijke pensioenkapitalen en uitbetaalde pensioensalarissen daarom gevoeliger voor stijging of daling. Er worden beschermingsmaatregelen genomen om de hoogte van het pensioen stabiel te houden.

Pensioen omzetten: Wat gebeurt er met het pensioen van de ex-partners?

Indien er na een scheiding een apart ouderdomspensioen is geregistreerd, dan blijft dit na de transitie ontvangen. Het getoonde verschil in ouderdomspensioen is ook voor u van toepassing. 

Pensioenen omzetten: gaat het risicoprofiel omhoog van de beleggingen?

Dat klopt. Het onderzoek onder deelnemers over de gewenste beleggingsprofielen wees uit dat apothekers een hoger risicoprofiel hebben, dan in het huidige beleggingsbeleid wordt gehanteerd.

Pensioenen omzetten: hoe kan het bij de voorbeelden bij een gepensioneerd deelnemer € 1120 zijn en bij een deelnemer € 1170. Dekkingsgraad is toch hetzelfde?!

Bij de actieve deelnemer is ook het effect van de compensatiemaatregel in verband met afschaffen van de doorsneesystematiek meegenomen, vandaar het verschil.

Pensioen omzetten: met welk rendement is gerekend bij een gunstig of ongunstig scenario

We hebben duizenden scenario's doorgerekend. Een gunstige verwachting gaat uit de 5% gunstigste scenario's. De ongunstige verwachting gaat uit van de 5% slechtste scenario's. 

Pensioenen omzetten: jarenlang hebben we een bijzonder slechte dekkingsgraad gehad. Nu gaan we uit van op z`n minst 106%. Is dat niet wat erg optimistisch en is de kans niet erg groot om in de 5% tegenzittende situatie te komen.

Die kans bestaat inderdaad, maar die is heel klein. De huidige dekkingsgraad (feb 2024) ligt ver boven de 106% en het pensioenfonds neemt beschermende maatregelen om de dekkingsgraad op of boven de 106% te houden.

Pensioenen omzetten: kan ik nu ook al de effecten zien van de 3 profielen? In de presentatie zie ik verwacht, als het meezit of tegenzit. Zie ik dit dan voor ieder profiel?

Nog niet. In de presentatie wordt de pensioenverwachting in het neutrale profiel getoond. Ook de gunstige en de ongunstige scenario's gaan uit van het neutrale risicoprofiel. Zo kunt u de huidige en de nieuwe situatie beter met elkaar vergelijken. Pensioenverwachtingen op basis van de verschillende risicoprofielen worden in de aanloop van de overgang naar de nieuwe pensioenregeling verwacht. De richtdatum voor de overgang is 1 juli 2027. 

Pensioen omzetten: als bij een zware recessie alle reserves weg zijn, zijn de jongeren dan het kind van de rekening?

Uit de risicodelingsreserve wordt jaarlijks maximaal 10% gebruikt voor het doel waar het voor bedoeld is, dus kans op leegraken is heel klein. In eceonomisch slechte tijden is de rente ook vaak hoger, waardoor de kans op een lagere uitkering wat kleiner is. De risicodelingsreserve mag niet negatief worden, dat wordt sowieso bewaakt.

Waarom is de pensioenregeling verplichtgesteld?

Net als voor andere medische beroepsbeoefenaren geldt al lange tijd voor openbaar apothekers een verplicht gestelde pensioenregeling. De minister van Sociale Zaken heeft in 1973 op verzoek van de gezamenlijke openbaar apothekers de verplichtstelling voor een beroepspensioenregeling afgegeven. Openbaar apothekers hoeven zo zelf geen pensioenregeling af te sluiten met alle daarbij horende kosten en inspanningen. Door de verplichtstelling wordt voorkomen dat beroepsgenoten geen, of onvoldoende, pensioen opbouwen. De voordelen van het collectief opbouwen van pensioen en het delen van de risico’s kunnen alleen worden bereikt als de gehele groep van beroepsgenoten aan de pensioenregeling deelneemt. Via beroepspensioenvereniging BPOA hebben beroepsgenoten inspraak in de regeling en premie. 

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Is deelname aan de nieuwe pensioenregeling verplicht?

Ja, er geldt een verplichte regeling voor alle openbaar apothekers, zowel loondienst- als zelfstandige apothekers. Een verplichte regeling brengt veel voordelen met zich mee. Zo kunnen door de grotere draagkracht door meer deelnemers risico’s beter worden gespreid en kosten laag worden gehouden.

Hoe ziet de route naar een nieuwe pensioenregeling er uit?

De route naar een nieuwe pensioenregeling is vastgelegd in een projectplan in het voor het Project Apothekerspensioen dat wordt uitgevoerd door het Projectteam

Gefaseerde route

Het project Apothekerspensioen loopt van 1 januari 2021 tot aan 1 januari 2026 (beoogde invoering nieuwe pensioenregeling per 1-1-2026), zie Routeplan nieuwe pensioenregeling

Het traject doorloopt een route met 3 fases:

  1. de oriëntatie- en ontwerpfase (hoe zou de pensioenregeling van openbaar apothekers er straks uit kunnen en moeten zien? Wat zijn daarbij de wensen?)
  2. de besluitvormingsfase (besluit van leden BPOA hoe de nieuwe pensioenregeling er straks uit ziet)
  3. de implementatiefase (implementatie van de nieuwe regeling, zorgen dat de nieuwe regeling vanaf 1 juli 2025 kan worden uitgevoerd).
Wie zijn betrokkenen bij de nieuwe pensioenregeling?

De overgang naar een nieuwe pensioenregeling heeft gevolgen voor alle betrokkenen. Actieven, slapers en gepensioneerden. Wat zijn de verschillen en waar moeten zij op letten? 

  • Actieven: praktiserend openbaar apothekers in loondienst of zelfstandig openbaar apothekers die premie inleggen. Voor actieven heeft de overgang de grootste gevolgen. Naast de bestaande pensioenopbouw, kiezen zij ook voor hun toekomstige pensioenregeling.
  • Gewezen deelnemers (slapers): openbaar apothekers die geen premie meer inleggen in het pensioenfonds, wel in het verleden pensioenaanspraken hebben opgebouwd, maar nog geen pensioenuitkering ontvangen. Voor gewezen deelnemers is belangrijk wat er met de opgebouwde pensioenen gebeurt. Omzetten of niet? Wat zijn de mogelijke gevolgen van het omzetten van de bestaande pensioenen?
  • Pensioengerechtigde openbaar apothekers: openbaar apothekers die een pensioenuitkering ontvangen. Voor de pensioengerechtigden is belangrijk wat er met de opgebouwde pensioenen gebeurt. Omzetten of niet? Wat zijn de mogelijke gevolgen van het omzetten van de bestaande pensioenen?
Geldt een verplichte overgang naar het nieuwe pensioenstelsel ook voor gepensioneerden en opgebouwde pensioenen?

In het pensioenakkoord is afgesproken dat de nieuwe pensioenopbouw en de reeds opgebouwde pensioenaanspraken en -rechten zoveel mogelijk bij elkaar worden gehouden in één pensioenregeling bij het pensioenfonds. In de conceptwetgeving staat daarom dat als hoofdregel geldt dat er standaard wordt ingevaren. Invaren betekent dat de opgebouwde pensioenen ook in het nieuwe systeem worden ondergebracht. De vraag of gepensioneerden en opgebouwde pensioenen mee gaan naar de nieuwe regeling, ‘het zogenaamde invaren’, komt aan de orde als de details van die regeling helder zijn. Dan is ook bekend hoe de inspraak van gepensioneerden zal worden ingevuld. In een ledenvergadering zal aan de leden van BPOA worden voorgelegd of een verzoek tot invaren bij SPOA wordt voorgesteld. 

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Wat zijn de rollen van BPOA & SPOA?

De Beroepspensioenvereniging Openbare Apothekers (BPOA) bepaalt de inhoud van de pensioenregeling voor alle apothekers werkzaam in de openbare apotheek. Zo bepaalt BPOA bijvoorbeeld de hoogte van de premie en de afspraken over indexatie. BPOA heeft de uitvoering van de pensioenregeling uitbesteed aan SPOA.

De Stichting Pensioenfonds Openbare Apothekers (SPOA) is het pensioenfonds dat de pensioenregeling uitvoert voor de apothekers werkzaam in een openbare apotheek.

Moeten we over naar het nieuwe pensioenstelsel?

De overgang naar het nieuwe stelsel is wettelijk verplicht voor actieve deelnemers voor de toekomstige opbouw. Een aantal respondenten is daarover teleurgesteld, ook al zijn er nog veel zaken onbekend. Met name actieven die dicht bij hun pensioen zitten. Als meer over de nieuwe regeling bekend is, gaan wij in op de vraag wat het voor deelnemers betekent om voor of na de transitie met pensioen te gaan.

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.


Wat betekent de keuze tussen de solidaire premieregeling en de flexibele premieregeling​​?

In het nieuwe stelsel dienen de leden te kiezen tussen twee soorten premieregelingen. De solidaire premieregeling of de flexibele premieregeling. Nadere uitleg en uitgebreide toelichting over deze lastige keuze volgt.

- Solidaire premieregeling

De solidaire premieregeling lijkt het meest op de huidige situatie. De pensioengelden van alle deelnemers worden gezamenlijk belegd en het totale rendement wordt verdeeld over de pensioenkapitalen van de deelnemers, via vooraf afgesproken verdeelregels. Pensioenrisico's worden met elkaar gedeeld. Solidariteit is intrinsiek onderdeel van het pensioencontract (zie kopje "solidariteitsreserve").

- Flexibele premieregeling

Binnen de flexibele premieregeling kunnen deelnemers zelf een aantal keuzes maken. Bijvoorbeeld welk (beleggings)risico de deelnemer wil lopen met het pensioengeld. Er worden minder pensioenrisico's met elkaar gedeeld dan binnen de solidaire premieregeling (zie kopje "solidariteitsreserve"). 


De oorspronkelijke naamgeving van de twee contracten (het Nieuwe Pensioen Contract en Wet Verbeterde Premieregeling) van het nieuwe pensioenstelsel werkten verwarrend en gaven onvoldoende de inhoud van het contract aan. Daarom worden bij de uitwerking van het Wetsvoorstel toekomst pensioenen de namen van de contracten aangepast. Bij de nieuwe naamgeving worden de solidaire en flexibele karaktereigenschappen van de regelingen benadrukt. Het nieuwe contract wordt gewijzigd naar ‘solidaire premieregeling/solidaire pensioencontract’ en de verbeterde premieregeling wordt het ‘flexibele premieregeling/flexibele pensioencontract’.

Wordt voldoende rekening gehouden met de verschillende soorten deelnemers en veranderingen binnen de beroepsgroep?

Houdt BPOA wel voldoende rekening met de verschillende soorten deelnemers en veranderingen binnen de beroepsgroep? 

BPOA houdt rekening met de veranderingen in de beroepsgroep en sluit daar bij de keuze voor de nieuwe regeling zo goed mogelijk op aan. Tegelijkertijd kan een stabiel pensioen voor openbaar apothekers juist in de fase waarin de beroepsgroep zich bevindt, een belangrijke steunpilaar zijn.

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Wel of niet omzetten van de bestaande pensioenen?

Wat betekent omzetten van de bestaande pensioenen?

Pensioen omzetten betekent dat pensioen dat is opgebouwd onder het huidige stelsel, wordt overgeheveld naar de nieuwe pensioenregeling, met de afspraken die daar gelden. In het pensioenakkoord gaat de voorkeur uit naar omzetten. Als niet voor omzetten wordt gekozen, heeft een deelnemer vanaf de start van de nieuwe pensioenregeling twee regelingen. 

Meer informatie leest u op de website: Alles over omzetten

Kijk ook de video over dit onderwerp: Omzetten van belang voor actieven, slapers en gepensioneerden

Wel of niet omzetten?

Allereerst is de keuze voor omzetten een collectieve keuze. Dit is niet een keuze per deelnemer. Bij niet omzetten verandert er niets. De huidige regels voor pensioen blijven gelden voor de opgebouwde pensioenen. Deze pensioenen bewegen minder mee met de economische omstandigheden dan in het nieuwe stelsel. De huidige regels zijn meer gericht op buffervorming en bescherming van opgebouwd pensioen dan het nieuwe stelsel. Met de huidige dekkingsgraad van SPOA bestaat er in het huidig stelsel echter een kans dat opgebouwde pensioenen verlaagd moeten worden en is de toeslagverlening de komende jaren naar verwachting zeer beperkt. 

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Wat gebeurt er met de opgebouwde pensioenen?

Tot 1 juli 2025 blijven de openbaar apothekers pensioen opbouwen in de huidige pensioenregeling bij SPOA. Daarna gaat de nieuwe regeling van start. Wat er gebeurt met de opgebouwde pensioenen, kan pas worden bepaald als de nieuwe regeling en de regelgeving die van toepassing is, bekend zijn. Dat betekent dat besluitvorming op zijn vroegst in de loop van 2023 plaatsvindt. 

Voor meer informatie zie: Alles over de nieuwe pensioenregeling

​Wat gebeurt er met het (ingegaan) partnerpensioen?

Bij het omzetten van het huidige pensioen naar de nieuwe pensioenregeling wordt het bestaande recht op partnerpensioen gerespecteerd.

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Wat gebeurt er met het nabestaandenpensioen dat al in uitkering is?

Met het in uitkering zijnde nabestaandenpensioen wordt op dezelfde manier omgegaan als met reeds ingegane ouderdomspensioenen. Ze worden of omgezet of niet omgezet naar de nieuwe pensioenregeling. 

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Wat betekent solidariteit in het Apothekerspensioen?

De regeling van de openbaar apotheker

Het pensioenstelsel van de openbaar apothekers is een pensioenstelsel met kapitaaldekking. Er wordt dus gespaard voor uw pensioen. Dat is nu zo en straks nog steeds zo. Op dit moment wordt er voor uw pensioen geld gereserveerd in de voorziening pensioenverplichtingen. In de nieuwe situatie wordt echter nog duidelijker welk deel van het totale vermogen van u is, omdat er sprake is van een persoonlijk pensioenkapitaal. In een kapitaaldekking stelsel, dat de basis is voor pensioenregelingen, wordt de premie aangewend voor toekomstig pensioen van de deelnemer en niet voor financiering van de uitkeringen, zoals bijvoorbeeld bij de AOW wel gebeurt. 

SPOA kent een vaste verhoging van het opgebouwd pensioen tot de pensioendatum. Op die manier bouwt de jonge deelnemer meer pensioen op dan de oude deelnemer terwijl beiden procentueel dezelfde premie betalen. Vergelijk het met wat de rente doet als je geld langere of kortere tijd op een spaarrekening zet (ervan uitgaande dat die rente hoger dan 0% is). De regeling van de openbaar apotheker is hiermee onderscheidend ten opzichte van pensioenregelingen bij verplicht gestelde bedrijfstakpensioenfondsen. Daar vindt via de zogenaamde doorsneeopbouw (voor alle leeftijden dezelfde premie en dezelfde opbouw) overheveling van jong naar oud plaats.

Keuze tussen een solidaire en flexibele premieregeling

De leden van BPOA moeten een keuze maken tussen het opbouwen van pensioen in een solidair of een flexibele premieregeling. Dit is een collectieve keuze. De meerderheid van stemmen in de ALV bepaalt welke pensioenregeling het wordt. In juni 2022 is tijdens de ALV gekozen voor een flexibele premieregeling.

Voor meer informatie: Alles over de nieuwe pensioenregeling

Meerdere vragen over solidariteit zijn  gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Wat krijgt u in onze pensioenregeling?

In Pensioen 1-2-3 leest u wat u wel en niet krijgt in de pensioenregeling van de Stichting Pensioenfonds Openbare Apothekers. Pensioen 1-2-3 bevat geen persoonlijke informatie over pensioen. Die vindt u wel op www.mijnpensioenoverzicht.nl.

Is mijn pensioen toereikend?

Het is moeilijk om een goede inschatting te maken of uw inkomen na uw pensionering past bij uw uitgaven. Uw pensioen is een onderdeel van dat inkomen, net als de AOW en in veel gevallen ook nog andere inkomensbronnen. Ook is niet bekend of uw inkomen in de komende jaren zal dalen of stijgen, of dat u ander werk zal vinden, of dat u zal gaan scheiden of arbeidsongeschikt zal raken.

Wij kunnen wel een redelijke inschatting maken van de ontwikkeling van de hoogte van uw pensioen. Bijvoorbeeld als we ervan uitgaan dat uw inkomenssituatie ongeveer hetzelfde blijft en de economie op de langere termijn gemiddeld genomen gematigd blijft groeien. Welk pensioen u ongeveer kunt verwachten vindt u in mijn pensioenoverzicht.nl. Ook in de nieuwe situatie. Samen met andere inkomstenbronnen vormt dit straks uw pensioeninkomen. De exacte hoogte van uw pensioen weet u echter pas als u met pensioen gaat.

Naast uw verwachte inkomen is het van belang om uw verwachte uitgaven in te schatten. De uitgaven zijn voor iedereen anders. U kunt zelf het beste inschatten hoeveel geld u straks nodig denkt te hebben. Met deze beide gegevens kunt u inschatten of u straks een tekort heeft of voldoende overhoudt. Indien nodig kunt u dan maatregelen treffen.

Meer informatie leest u op de pagina Pensioeninkomen.

Waarom al in 2022 een keuze maken voor een nieuwe regeling?

Waarom wil BPOA al in 2022 een keuze maken als het wetsontwerp nog door de eerste en tweede kamer moet en de definitieve regeling nog niet helder is?

Doordat er eind 2020 al een concept wetsvoorstel is gepubliceerd is er wel al veel bekend, ook al is dat nog niet definitief omdat de wet nog niet door de 1e en 2e Kamer is behandeld. BPOA is daarom alleen voornemens om door de leden een principebesluit te laten nemen. Dit principebesluit wordt na het definitief worden van de wet getoetst aan de wetstekst. BPOA heeft een voorkeur voor een snelle overgang omdat het nieuwe pensioenstelsel veel overeenkomsten kent met de keuzes die BPOA in het verleden (en tot heden aan toe) heeft gemaakt, namelijk er zoveel mogelijk voor zorgen dat de premie-inleg wordt aangewend voor het eigen pensioen.

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Hoe zit het met de flexibilisering: 10% ineens en/of hoog/laag pensioen?

Er zijn op dit moment verschillende mogelijkheden om het pensioen te flexibiliseren. U kunt bijvoorbeeld op de pensioendatum het nabestaandenpensioen inruilen voor een hoger ouderdomspensioen of u kunt uw pensioenuitkering eerder in laten gaan. Ook bestaat de mogelijkheid om in de eerste jaren een hogere uitkering te hebben en daarna een lagere pensioenuitkering (hoog/laag uitkering). Straks komt de mogelijkheid erbij om eenmalig 10% van de waarde van het ouderdomspensioen in 1x te laten uitkeren op de pensioendatum. Waar u als deelnemer voor kiest is uiteindelijk uw keuze. Het hoog/laag pensioen en de 10% uitkering mogen niet worden gecombineerd (het is het één of het ander, of geen van beiden). 

Of u na pensionering een gelijke uitkering wenst, een hoog/laag uitkering of de eenmalige 10% uitkering, dat is uw individuele keuze en dus zal eenieder moeten kijken naar de eigen persoonlijke situatie. Laat u daarbij adviseren door een financieel expert. Bij SPOA kunt u een aanvraag doen om de flexibiliseringsmogelijkheden uit te laten rekenen.

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Is BPOA lidmaatschap interessant voor een gepensioneerde apotheker?

Ja. Voor wat betreft de te nemen beslissingen over de reeds ingegane pensioenen volgt BPOA (en SPOA) hetgeen hierover in de Wet Toekomst Pensioenen is opgenomen. In de kern komt het erop neer dat BPOA als beroepspensioenvereniging moet aangeven of zij alle opgebouwde pensioenaanspraken en reeds ingegane pensioenrechten wenst om te zetten naar het nieuwe pensioenstelsel. Dit verzoek tot omzetten richt de beroepspensioenvereniging aan haar pensioenfonds (i.c. SPOA). SPOA moet vervolgens besluiten of zij het omzetten van alle opgebouwde pensioenaanspraken en reeds ingegane pensioenrechten implementeert door een interne collectieve waardeoverdracht uit te voeren.

Het besluit om een verzoek tot omzetten te doen, doet BPOA in overleg met de leden. De gepensioneerde apothekers die lid zijn van BPOA hebben dan ook een stem.

Het besluit tot interne collectieve waardeoverdracht neemt SPOA na hierover advies te hebben gevraagd aan het Verantwoordingsorgaan. In het Verantwoordingsorgaan zijn gepensioneerde apothekers vertegenwoordigd.

Over de financiële prestaties van SPOA

Financiële prestaties van SPOA (ten opzichte van andere pensioenfondsen)

De rendementen van SPOA over de afgelopen jaren (gem. 7,1% vanaf 2005) staan weergegeven bij het onderdeel beleggen. Voor veel deelnemers blijft dan steeds vraag waarom er in het verleden zo fors moest worden verlaagd (gekort), terwijl andere fondsen dat niet hoefden. Dat komt omdat SPOA in de jaren 90 van de vorige eeuw gekozen heeft voor een lage buffer en een hoge pensioentoezegging. Een relatief klein deel van de premie werd dus gereserveerd voor slechtere tijden, ten faveure van meer pensioen. Andere fondsen kozen voor een hogere buffer en minder pensioen. De kenmerken van de deelnemerspopulatie speelden daarbij een belangrijke rol. Apothekers kunnen een tegenslag makkelijker verwerken dan deelnemers van bedrijfstakpensioenfondsen, zo dacht men. Dus liever wat meer pensioen dan een grotere reserve.

Met de financiële crisis van 2008 kwam echter een forse tegenslag. Een negatief rendement, maar vooral de sterke rentedaling in de navolgende jaren, zorgde ervoor dat veel meer geld nodig was om de toegezegde pensioenen op langere termijn te kunnen betalen. De fondsen met een hoge buffer konden dit met die buffer opvangen, de fondsen met een lagere buffer moesten de pensioenen verlagen (korten). Per saldo waren de verliezen bij alle fondsen vergelijkbaar.

Wat wel heel vervelend is, is dat de pensioenverlagingen flinke financiële gevolgen hebben gehad voor met name de gepensioneerde deelnemers. Zij waren hier niet op voorbereid. 

De verhoudingen tussen buffer en pensioentoezegging lopen per pensioenfonds uiteen. Ook zaken als de hoogte van de premie, de levensverwachting, de leeftijd van de populatie en de beleggingsstrategie spelen een rol. Dat zorgt ervoor dat pensioenfondsen niet eenvoudig met elkaar te vergelijken zijn, als het gaat om de hoogte van het pensioen en de financiële prestaties. Hoewel de financiële positie in die periode slecht te noemen is, blijkt uit onderzoek dat SPOA in de jaren 2008 - 2011 resultaten heeft behaald die vergelijkbaar zijn met andere pensioenfondsen. 

Meerdere vragen zijn gesteld over het functioneren van het pensioenfonds naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Waarom gaat het pensioen niet gelijk in met de AOW?

De pensioenrichtleeftijd is bij SPOA als gevolg van fiscale regelgeving gesteld op 68 jaar. U kunt er ook voor kiezen om uw pensioen eerder in te laten gaan dan op 68 jaar. Eerder met pensioen gaan heeft wel financiële gevolgen. De pensioenopbouw stopt eerder en wordt over een langere tijd uitgekeerd. Dat betekent daarom dat uw ouderdomspensioen lager wordt dan het oorspronkelijk was. 

Wat betreft de pensioenplanning: als u niet ver meer van uw pensioen bent, kunt u contact opnemen met het pensioenfonds. De eerste 2 door u gevraagde pensioenberekeningen zijn gratis.

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Hoe voorkom je dat je pensioenkapitaal op raakt als je erg oud wordt?

Een pensioensysteem is erop gericht om een pensioenuitkering levenslang te financieren. Gekeken wordt naar de hoogte van uw pensioenvermogen en uw levensverwachting. Stel dat deze voor apothekers 85 is, dan wordt in eerste instantie gerekend tot aan de leeftijd van 85. Maar het pensioenfonds zorgt er ook voor dat het persoonlijk pensioenkapitaal van deelnemers die eerder dan 85 overlijden, wordt ingezet voor deelnemers die langer leven. Dit systeem zorgt ervoor dat als u langer leeft dan 85, de pensioenuitkering gewoon doorgaat (levenslang). Dit is zowel in de flexibele regeling als in de solidaire regeling het geval. Meer informatie over het nieuwe pensioenstelsel vindt u bij: Alles over de nieuwe pensioenregeling.

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Hoeveel jaar voor de pensioendatum mag je de pensioenuitkering laten ingaan?

Vanaf 55 jaar is dat mogelijk, daar zijn dan wel voorwaarden aan verbonden. Deze informatie is te vinden in het reglement. Dat reglement vindt u op de website van SPOA (formulieren& Downloads/Statuten en reglementen: Pensioenreglement (spoa.nl)

Deze vraag is gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Over de deskundigheid van het bestuur pensioenfonds

Deskundigheid van het bestuur pensioenfonds

Het bestuur van SPOA bestaat uit 7 bestuursleden, 5 (voormalig) apothekers en 2 deskundigen, 1 op het gebied van vermogensbeheer en 1 op het gebied van pensioenuitvoering. De bestuursleden dienen aan de deskundigheidseisen voor pensioenfondsbestuurders te voldoen en staan onder toezicht van DNB. Voordat een bestuurder benoemd mag worden, is goedkeuring van DNB vereist. Voor de apothekers in het bestuur betekent dit dat zij in het eerste jaar een intensief opleidingstraject volgen. Een aspirant bestuurder leert in het inwerktraject het reilen en zeilen van het pensioenfonds kennen. SPOA beschikt over een geschiktheidsplan en een scholingsplan. Daarnaast is er voor het bestuur van SPOA een gedragscode opgesteld ter voorkoming van belangenconflicten, van misbruik en oneigenlijk gebruik van de bij het fonds aanwezige informatie. Het geschiktheidsplan en de gedragscode worden periodiek geactualiseerd. Intern wordt toezicht gehouden op het bestuur door de Visitatiecommissie en extern door DNB en de AFM. Zo worden met grote regelmaat uitvragen gedaan door de toezichthouders en rapporteert SPOA over de risico’s, dekkingsgraad, beleggingen, etc.

Meerdere vragen zijn gesteld over het functioneren van het pensioenfonds naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Voor meer informatie zie de website: Over SPOA | SPOA

Over de rekenrente, pensioentoezegging, premieverhoging

Kritiek op de rekenrente, pensioentoezegging, premieverhoging

SPOA heeft de opdracht om de pensioenregeling uit te voeren binnen de wettelijke kaders van het financieel toezicht. Dat heeft als gevolg dat een flink deel van het vermogen in vastrentende waarden moet worden belegd. Sinds 2007 mogen fondsen niet meer werken met een vaste rekenrente, maar een rente gebaseerd op de marktrente. Helaas is die rente gedurende een langere periode alleen maar gedaald. Een lagere rente zorgt ervoor dat een hoger vermogen nodig is om alle toegezegde pensioenen te kunnen betalen. Elke renteverlaging moet worden gerepareerd in de pensioentoezegging en/of de premie. De lange termijn zorgt daarbij voor een forse hefboom. Voor een procent renteverlaging is ongeveer 20% procent rendement nodig om de dekkingsgraad gelijk te houden. Hierdoor lijkt het voor een deelnemer misschien dat er ingelegd geld verdwijnt. Dat is zeker niet zo. Het is wel heel vervelend voor de deelnemers van vrijwel alle pensioenfondsen. De pensioentoezegging staat onder druk, terwijl het vermogen van het fonds maar blijft groeien. De overgang naar een nieuw stelsel brengt verandering in deze situatie.

Meerdere vragen zijn gesteld over het functioneren van het pensioenfonds naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Over verhoging (indexatie)

Verhoging (indexatie) 

De pensioenregeling kent een vaste verhoging van 1,5% voor actieve deelnemers en slapers. Het pensioen komt hierdoor uiteindelijk flink hoger uit, dan het tijdens de opbouw soms lijkt.

Meerdere vragen zijn gesteld over het functioneren van het pensioenfonds naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Heeft SPOA aandacht voor duurzaam beleggen (ESG beleid)?

Naast de pensioentransitie heeft ook de energietransitie een grote impact op het pensioenfonds. SPOA werkt momenteel hard aan verdere ontwikkeling van het ESG Beleid. ESG staat voor Environmental, Social en Governance en gaat over onder andere het klimaat, mensenrechten en corruptie. Deelnemers zijn in 2022 aan de hand van een poll gevraagd naar hun mening en wensen als het gaat om het ESG Beleid. De resultaten wegen mee in de toekomstige stappen die SPOA neemt om het ESG Beleid verder vorm te geven.

Meerdere vragen over beleggen zijn gesteld naar aanleiding van de in april 2021 gehouden enquête onder de deelnemers, zie meer vragen in het Q&A document.

Meer informatie over ESG beleid vindt u op de website: Duurzaam beleggen en ESG Beleid | SPOA

Wat is de risicodelingsreserve?

De risicodelingsreserve is een verplicht op te nemen reserve voor bedrijfstak- en beroepsfondsen binnen de flexibele premieregeling. 

De risicodelingsreserve wordt gefinancierd door een bijdrage van bestaande gepensioneerden en bij aanvang vanuit de omzetting van de pensioenen naar kapitalen. De risicodelingsreserve komt ten goede van de gepensioneerden als zij met een daling van hun pensioeninkomen te maken krijgen. 

Bij een meer individuele pensioenopbouw is er dus wel een verschil in risico , immers deelnemers bouwen op over verschillende periode afhankelijk van de leeftijd op moment van omzetting. De risicospreiding is dan gemiddeld gunstiger voor jongere deelnemer

Ja. Bij een jongere deelnemer met een langer beleggingsperspectief waaieren de effecten tussen gunstig en ongunstig verder uit dan bij oudere deelnemers.

Hoe vaak per jaar kan je van risicoprofiel veranderen?

Dit wordt in 2025 in de aanloop naar de transitie vastgesteld.

Wat wordt bedoeld met de compensatie?

In de huidige pensioenregeling is het opbouwpercentage voor de jaarlijkse pensioenopbouw en de pensioenpremie voor alle deelnemers gelijk. Dat heet de doorsneesystematiek.

In werkelijkheid is pensioenopbouw voor jongere deelnemers goedkoper dan voor oudere deelnemers (want het geld kan langer renderen).  Jongeren “subsidiëren” in dit systeem dus eigenlijk de ouderen.

In de nieuwe pensioenregeling is de premie nog steeds voor alle deelnemers hetzelfde. De premie levert niet meer voor iedereen dezelfde pensioenopbouw op. Met andere woorden: de doorsneesystematiek vervalt.

Met BPOA is afgesproken dat een eventuele achteruitgang in de pensioenopbouw als gevolg van de overgang naar de nieuwe pensioenregeling voor (actieve) deelnemers zoveel als mogelijk wordt gecompenseerd.

Is de compensatie voor iedereen hetzelfde?

Nee. Alleen actieve deelnemers (deelnemers die premie inleggen) komen mogelijk in aanmerking voor een compensatie.

Vooral middelbare en oudere deelnemers (deelnemers die premie inleggen) missen door de overgang naar de nieuwe pensioenregeling iets. Zij hebben toen zij jonger waren jarenlang te veel betaald voor hun opbouw, maar profiteren nu zij ouder zijn niet van de doorsneesystematiek omdat deze vervalt. Daardoor ontstaat een nadeel voor deze groep — en is er een compensatie. Deze compensatie komt in de vorm van extra kapitaal in het kapitaal voor pensioen ( pensioenpot) van deze groep. 

Ik heb mijn vervroegd pensioen bewust na 1 juli 2026 gepland. Nu is de richtdatum voor de transitie 1 juli 2027 geworden. Wat zijn voor mij de gevolgen?

In de meeste gevallen is het financiële nadeel beperkt. Als u contact met ons opneemt kunnen wij een inschatting voor u maken.

Komen alle deelnemers in aanmerking voor mogelijke verhoging van het startkapitaal?

Ja. Alle deelnemers komen in aanmerking voor een mogelijke verhoging. Deze mogelijkheid ontstaat als er een surplus aan dekkingsgraad (vermogen) overblijft na de transitie. Dat surplus ontstaat bij een dekkingsgraad van boven de 106%. Dit vermogen wordt op een evenwichtige manier verdeeld over tussen alle deelnemers. Dat zijn de:

  • actieve deelnemers (dat zijn premiebetalende deelnemers);
  • gewezen deelnemers (dat zijn deelnemers die het verleden premie hebben ingelegd, maar nu niet meer en ook geen inkomen ontvangen van SPOA, ook wel slapers genoemd)

uitkeringsgerechtigden (deelnemers die een inkomen ontvangen van SPOA).

Waarom wist BPOA (en SPOA), toen we als leden het Transitieplan in de ALV van maart 2024 goedkeurden, niet datgene dat nu wel bekend is?

Er zijn twee redenen om een bijsturing voor te stellen in het transitieplan.

    1. Allereerst is de financiële positie van SPOA het afgelopen jaar verder verbeterd. De dekkingsgraad van het fonds is gestegen tot boven de eerder vastgestelde bovengrens van 130%. Ook de rente is fors gestegen. Dat is natuurlijk goed nieuws voor alle deelnemers en pensioengerechtigden. Tegelijkertijd stelt het ons, en het fonds, ook voor uitdagingen. Want de betere positie zorgt ervoor dat de evenwichtigheid van de transitie naar de nieuwe regeling her en der gaat knellen. Anders gezegd: sommige groepen deelnemers profiteren mogelijk (te veel) meer dan andere groepen. De bijsturing van het transitieplan corrigeert die dreigende onevenwichtigheid.
    2. Ten tweede was op het moment dat het transitieplan in maart 2024 door de ALV werd vastgesteld, de nieuwe wet- en regelgeving (de Wet toekomst pensioenen en onderliggende regelgeving) nog vers. Inmiddels is er nieuw en voortschrijdend inzicht rondom de interpretatie van deze wet- en regelgeving, zowel bij het bestuur van de BPOA, het bestuur van het fonds, de adviseurs van de BPOA en het fonds én bij de toezichthouder De Nederlandsche Bank. Deze nieuwe inzichten zorgen voor een betere en scherpere kijk op evenwichtigheid dan tijdens het opstellen van het oorspronkelijke transitieplan.

Om deze twee redenen wil het bestuur van de BPOA het transitieplan op enkele punten aanscherpen. Het doel: een eerlijke en evenwichtige transitie voor iedereen.

Wat betekent deze verandering van het transitieplan concreet voor mij als openbaar apotheker?

Voor alle deelnemers als collectief wordt de transitie door de aanscherping van het transitieplan evenwichtiger. Hoe de aanpassingen op individueel niveau uitpakken, hangt vooral af van de leeftijd. Iedereen gaat er nog steeds substantieel op vooruit. Maar zonder aanpassing van het transitieplan zouden met name oudere gepensioneerden (ouder dan circa 70 jaar) er door de verbeterde financiële positie onevenredig veel meer op vooruitgaan ten opzichte van andere generaties dan toegestaan binnen de door het bestuur van SPOA vastgestelde bandbreedtes voor evenwichtigheid. De aanscherping van het transitieplan zorgt voor een veel betere en meer evenwichtige verdeling van de voordelen van de transitie over verschillende generaties. 

Waar moeten wij als leden nu eigenlijk concreet over stemmen? (op 3 februari 2026)

De aanscherping van het transitieplan betreft een aanpassing van de zogenoemde spreidingstermijn van 1 naar 10 jaar. In het oorspronkelijke transitieplan is gekozen voor een preidingstermijn van 1 jaar, waarbij het gedeelte van de dekkingsgraad dat resteert (na het toedelen van de persoonlijke pensioenkapitalen en het vullen van de benodigde reserves en het verlenen van compensatie), gelijkmatig in één keer verdeeld over alle deelnemers, naar rato van het opgebouwde kapitaal van de deelnemer op het transitiemoment. Hiermee werd afgeweken van de wettelijke standaard spreidingstermijn van 10 jaar. Een kortere spreidingstermijn leidt ertoe dat er een groter deel van het vermogen wordt toebedeeld aan oudere deelnemers en gepensioneerden, waarbij een langere spreidingstermijn juist gunstig is voor jongere deelnemers. De wet schrijft weliswaar voor dat een afwijking is toegestaan, maar alleen als de standaard spreidingstermijn zou leiden tot een onevenwichtiger nadeel dan de afwijkende spreidingstermijn. Hier is nu, door de gestegen dekkingsgraad en rente, niet langer sprake van. Daarom kiest het bestuur van de BPOA er nu voor de standaard spreidingstermijn van 10 jaar aan u voor te leggen. 

Daarmee voldoen we aan de wet én aan onze eigen in het transitieplan geformuleerde doelstelling dat iedereen er bij de transitie in enigszins gelijke mate op voor- of achteruit moet gaan.

Wat is spreiden over 1 of 10 jaar precies? Welk effect heeft dit voor mij?

De spreidingstermijn gaat over de periode waarin reserves die overblijven op het moment van transitie over alle deelnemers en gepensioneerden worden verdeeld. Bij een spreidingstermijn van één jaar gebeurt dit in één keer. Bij een spreidingstermijn van 10 jaar gebeurt dit (verwarrend genoeg) óók in een keer, maar berekenen we de waarde van het extra kapitaal dat direct wordt toegevoegd aan het persoonlijk pensioenkapitaal alsof we het spreiden over tien jaar.  Concreet betekent dit dat oudere deelnemers (met name 65-plussers) er relatief ten opzichte van een spreidingstermijn van één jaar wat minder kapitaal bijkrijgen dan jongere deelnemers.  Door deze aanscherping van het transitieplan is de overstap naar de nieuwe regeling eerlijker en evenwichtiger voor iedereen. En nog steeds geldt: iedereen gaat erop vooruit. 

Waarom moeten we hier over stemmen. Het is toch gewoon uitvoeren van de regeling volgens het transitieplan?

De voorgestelde aanscherping van het transitieplan zorgt ervoor dat de doelstelling van evenwichtigheid gehaald kan worden. De weg om tot die evenwichtigheid te komen moet echter door de gestegen dekkingsgraad en rente aangescherpt worden. Het bestuur van de BPOA hecht eraan deze aanscherping voor te leggen aan de leden.

Wat als bij de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel de dekkingsgraad opeens veel lager is? Of veel hoger?

De voorgestelde aanscherping pakt goed en evenwichtig uit in verschillende scenario’s. Mochten de omstandigheden extreem veranderen, waardoor de evenwichtigheid buiten de vastgestelde bandbreedtes komt, dan treedt het bestuur van de BPOA in overleg met het bestuur van het fonds.

Wordt er nog iets gedaan aan de indexatieachterstand? Of kunnen we dat vergeten?

Er is geen inhaalindexatie. Daar bestaat ook geen recht op. Met de huidige dekkingsgraad is de verwachting dat de zogenoemde “invaarbonus” de opgelopen indexatieachterstand wel voor een deel goedmaakt.  

Daar komt nog iets bij. Het bestuur van SPOA heeft nog steeds begrip voor de argumentatie die in het transitieplan door BPOA gegeven is voor een spreidingstermijn van 1 jaar. Daarom neemt het bestuur van SPOA de huidige indexatieachterstanden en de verlagingen die in het verleden zijn toegekend mee in de eigen overwegingen. SPOA pakt de bestuurlijke ruimte die het wettelijk heeft om wat vermogen te herverdelen. Het doel: het verzachten van de effecten van de langere spreidingstermijn voor met name oudere gepensioneerden.

Kan ik alvast een prognose van mijn verwachte pensioen krijgen, op basis van de huidige dekkingsgraad?

Op individueel niveau kunnen we op dit moment nog geen prognoses afgegeven. In algemene zin kunnen we wel zeggen dat bij de huidige dekkingsgraad en rentestand en afhankelijk van de leeftijd, de pensioenuitkeringen met circa ruim 15% tot ruim 20% omhoog kunnen bij de overstap naar de nieuwe regeling.  

Waarom gaan we überhaupt over naar de Wtp? Worden we niet overgeleverd aan de grillen van de beurs?

We hebben in Nederland een van de beste pensioenstelsels ter wereld. Het is zo goed, omdat we het steeds wanneer het nodig was, hebben aangepast aan veranderende omstandigheden. Voor zo’n aanpassing was het ook nu weer tijd. Want de wereld is veranderd. We leven langer en werken flexibeler. Ook konden de pensioenen soms niet of nauwelijks meegroeien met de stijgende prijzen van levensonderhoud, terwijl het wel goed ging met de economie. Het nieuwe pensioenstelsel past beter bij de moderne arbeidsmarkt, is eerlijker voor de verschillende generaties én maakt het makkelijker om de pensioenen te laten meegroeien met de economie.

Daarnaast kunnen de aanwezige reserves bij de overstap voor een belangrijk deel worden verdeeld over alle deelnemers. Dat betekent dat door de overstap de lopende en te verwachten pensioenen direct substantieel omhoog kunnen.